zondag 13 januari 2019

Een paar weken Turkije (week 1)

Ook dit jaar zijn we weer voor een aantal weken naar Turkije gegaan. Inmiddels zijn we er al een week en het weer is niet top. De Turken zeggen dat het jaren niet zo geregend heeft als nu en dat het ook nog nooit zo koud is geweest. 
We hebben weer voor hetzelfde resort gekozen als voorgaande jaren. Het is een van de twee resorts die in deze tijd van het jaar open is. Het is een heel groot resort wat min of meer op een dorpje lijkt. 
Deze week hebben we besteed om o.a. de ons bekende plekjes te gaan bekijken. We hadden gehoopt dat er inmiddels een brug over de dam zou zijn zodat we hierover naar Çamyuva konden gaan i.p.v. over de brug met al die auto's hoewel deze wel altijd ruim om je heen rijden.
Vorig jaar is de rivier wat uitgegraven met het gevolg dat er ook veel water over de dam stroomt. Ook kan je niet meer over het strand meer naar Çamyuva wat ook heel jammer is want we liepen zo vaak een rondje. 
Wat ons opvalt is dat er de laatste jaren hier wel veel veranderd is: de bevolking rijdt in goede auto's, er is een veel beter beleid w.b. de zwerfdieren, de dolmus waarmee je naar nabij gelegen dorpjes kan zijn ook veel beter geworden etc. Maar wat niet veranderd is is de rotzooi die de bewoners om hun huis hebben.
Ook staan er tussen mooie appartementencomplexen soms krotjes waarvan je je niet kan indenken dat er nog mensen in wonen.
Wat wij hier altijd zo fijn vinden is de gastvrijheid en de behulpzaamheid van de bevolking.
Deze week kwamen we langs mensen die vis aan het grillen waren en toen we keken zeiden ze dat de vis 3 uur geleden gevangen was. We mochten proeven en de vis was werkelijk heerlijk, ik weet niet wat voor vis het was want de mensen spraken alleen Turks.
Ook liepen we van de week op een pad en dachten we dat we binnendoor naar Kemer konden maar dat bleek niet echt een weg te zijn. Toen we vlak bij een huis kwamen zeiden mensen die houtjes aan het hakken waren dat we gewoon rechtdoor konden gaan. We kwamen langs hun voordeur en later weer op een pad door een sinaasappelboomgaard. 
Overal in Turkije wordt thee gedronken en als je dus even onderweg wil uitrusten neem je dus plaats op een terrasje van een theehuis. Voor de prijs hoef je het niet te laten want omgerekend kost een glas thee ongeveer €0,25.
Ook zagen we nog versieringen van  kerst en zelfs de kerstman was nog aanwezig. De reden hiervan is dat de Russisch Orthodoxe kerk Kerstmis op 7 en 8 januari viert en veel Russen komen dan naar Turkije.
Ook gingen we de begraafplaats van Kemer bekijken. Ik had gelezen dat je er tussen de bomen uitzicht had op zee. Het kostte wel even moeite voordat we het gevonden hadden want het stond niet echt duidelijk op de plattegrond. Met wat navraag hebben we het toch gevonden.
Het bootje viel me in de verte al op en ik dacht dat het graf wel van een visser of zeeman zou zijn. Volgens de foto was het van een zeeman.  Het viel ons op dat er veel jonge mensen begraven lagen.
Ik als kattenliefhebster geniet van alle goed uitziende katten en liepen ze jaren geleden nog achter je aan als je een plastic zak in je hand had dan is dit nu helemaal niet meer het geval.
Ook liet manlief hier de mouwen van een jasje korter maken en zijn schoenen verzolen. In vergelijking met Nederland is dat haast voor niets. Ieder jaar neemt hij een paar schoenen mee voor de schoenmaker.
Zodra je buiten het vakantiegebied bent zie je oude huisjes en schuurtjes maar de bevolking vind het erg leuk als je contact met ze maakt ook al kan je elkaar niet verstaan maar met handen en voeten kom je een heel eind.
Ondanks het niet al te beste weer hebben we ons toch heel goed vermaakt en het was net een beetje thuiskomen in het resort. Het personeel leek blij om ons weer te zien en ook in de dorpjes en op de markt konden de mensen ons nog.  Ze wisten zelfs de naam nog van Manlief.

donderdag 3 januari 2019

Zomaar een berichtje van Solo

Omdat mijn vrouwtje de afgelopen dagen door allerlei dingen in beslag werd genomen zag ik, Solo, mijn kans schoon om weer eens op de laptop te gaan. Hier boven ziet u mij in de vensterbank zitten. Hier zit ik erg graag want dan kan ik zowel buiten als binnen in de gaten houden. Mijn vrouwtje heeft liever niet dat ik daar zit maar dat kan mijn niets schelen. Ik kan daar goed zien of die dikke zwarte kater in onze tuin loopt. Die kater heeft niets in onze tuin te zoeken en als ik toevallig buiten ben als hij er loopt dan is hij nog niet jarig want door blazen en janken laat ik duidelijk horen dat hij moet moven.  Trouwens hij is zo dik dat hij bijna door zijn poten zakt. Mijn baasjes zeggen dat hij niks dikker is dan ik maar daar geloof ik niets van hoewel de dierendokter ook altijd zegt dat ik te zwaar ben maar die man geloof ik ook niet.
Ik vind het ook heerlijk om op de hocker, die naast de bank staat, te liggen.
Maar mijn grootste hobby is echter eten. Ik lus eigenlijk alles wel maar zure dingen zoals yoghurt, karnemelk, jus d'orange, enz. staan wel hoog op het lijstje van lekkere dingen. Maar het uitlikken van het emmertje  Griekse yoghurt, wat ik soms mag, vind ik helemaal een traktatie hoewel mijn kop dan wel helemaal onder de yoghurt komt te zitten. Maar mijn baasje is zo lief die maakt het altijd weer schoon. 
Ik geloof dat ik van de laptop af moet want het lijkt erop dat mijn vrouwtje er weer op wil. Wat heeft ze toch steeds te zoeken op dat ding? Het schijnt dat ze blogs leest van bloggers, ik zou niet weten wat dat zijn. Zou je daar nu wijzer van worden? Ik lees geen blogs en ben toch heel wijs vind ikzelf.
Lieve groetjes van
Solo

zondag 30 december 2018

Even heimwee naar mijn kindertijd.


Vroeger, toen ik nog een kind was, kon het na de kerst niet snel genoeg oudejaarsdag worden. Op die dag gingen wij altijd naar mijn Opa en Oma, die in een dorp verderop woonden. In dat dorp was het de gewoonte om 's nachts na de laatste klokslag op verschillende plaatsen in het dorp te gaan zingen. Omdat het, volgens mijn ouders, nog te lang was om tot middernacht op te blijven moest ik eerst nog een paar uurtjes naar bed. Er werd me beloofd om me ruim op tijd te roepen maar omdat ik altijd bang was dat ze me zouden vergeten deed ik al die tijd geen oog dicht.
Als ik dan geroepen en aangekleed was gingen we naar buiten en begon het wachten op de twaalf klokslagen.
 
We begonnen met het zingen op de sluis bij de haven en na de laatste klokslag zette de broer van mijn Opa in en alle aanwezigen vielen in met het lied:
Uren, dagen, maanden, jaren
vliegen als een schaduw heen
Ach, wij vinden, waar wij staren
niets bestendigs hier beneen
Op de weg, die wij betreden
staat geen voetstap die beklijft
Al het heden wordt verleden
schoon 't ons toegerekend blijft 

Nadat het lied gezongen was wenste iedereen elkaar het allerbeste voor het nieuwe jaar. Hierna vertrok de stoet naar de kerkstoep waar het lied weer gezongen werd. Hierna gingen we bij de notabelen in het dorp zingen en hier kregen de mannen een sigaar en de dames, meen ik, een kersenbonbon. Wat de kinderen kregen weet ik niet meer.
Op Nieuwjaarsdag mochten mijn broer en ik de spaarpot openen waarin mijn Oma stuivers gespaard had en die mochten we dan verdelen.
Later gingen we met mijn Opa bij vele bekenden in het dorp langs om Nieuwjaar te wensen en krijgen wij overal iets voor onze spaarpot. Aangezien mijn Opa veel bekenden had haalden wij aardig wat op. Het geld brachten we dan begin van het jaar naar de bank zodat het op ons spaarbankboekje kon worden bijgeschreven.

Gek nu ik ouder word lijkt het net of ik veel vaker aan vroeger terug moet denken. Ik heb er altijd erg van genoten en ik weet dat het nog lang traditie gebleven is in dat dorp zelfs nog toen ik al volwassen was maar ik woonde niet meer in de buurt en mijn Opa en Oma waren intussen ook overleden.

donderdag 27 december 2018

Bezoek aan Betoverend Breda 20-12-2018

Ik had op internet gelezen  dat  van 14 december t/m 26 december Breda in het teken van de feestdagen en winterse gezelligheid zou staan. Aangezien ik nog een  vrijreizen dag van de NS had leek het me wel iets om hier heen te gaan. Aangezien je met zo'n kaartje pas na 9 uur mag reizen kwam ik pas in het begin van de middag in Breda aan.
Het was wel een hele lange treinreis maar ik reis graag met de trein dus dat was geen probleem. Toen ik naar het centrum liep liep ik direct in een straat waarvan de naam mijn een prettig gevoel gaf. 
In deze staat zag ik op de stoeptegels allemaal krioelende rode mieren. Ze lopen ze net een beetje een andere kant op. Samen vormen ze zo een krioelende mierenmassa die de weg tussen  het station en de binnenstad aflegt. Daarmee staan de mieren symbool voor de massa's mensen die zich een weg banen door de drukke, Willemstraat richting het stadshart. Bedenker van het kunstwerk is Florentijn Hofman.
Toen ik het stadspark Valkenberg doorliep had ik meer het idee dat er kermis was, er stond een draaimolen voor kinderen, een kraam waar kinderen door een of ander behendigheidsspelletje  wat kon winnen en er waren ook wat eetkraampjes. 
Ik vond het nu niet echt iets speciaals voor de kerst maar het was natuurlijk wel gezellig.
Terwijl ik in het park liep besloot ik eerst het Begijn Hof aan te doen. Ik vind Begijnhoven altijd zo mooi om er een bezoek te brengen en hoewel ik er al eerder was vond ik het ook nu de moeite van een bezoek weer waard.
Johanna van Polanen had zelfs i.v.m. de kerstijd een kerstboom naast zich gekregen. 
Ook stond er i.m.v. de kersttijd een kerststal hoewel ik deze niet van dichtbij door de weerspiegeling in het glas op de foto kon zetten.
Opvallend vind ik het altijd dat er bezoekers in een hofje rondlopen. 
Hierna begaf ik me naar het centrum en het viel me tegen dat het niet drukker in de stad was. Ook waren er niet veel stalletjes waar wat verkocht werd en al werd er al wat verkocht dan was het niet iets specifieks voor de kerst.
Ik neem aan dat er te weinig animo was om een kerstkraampje te huren want in schillende stond kersttafereeltjes opgesteld  
Het werd tijd om eens even ergens wat te gaan drinken en iets kleins te eten. Ik deed dit op de grote markt bij de ijsbaan en bij de grote kerstboom. Deze kerstboom is niet zomaar een kerstboom maar speelt een belangrijke rol in het sprookje van Careltje, dat als een rode draad door Betoverend Breda loopt. De kerstboom is betoverd, kan bewegen en zelfs praten! Tenminste, zo lijkt het…
In werkelijkheid is het Careltje die vanuit de betoverende boom zijn verhaal vertelt. Dit mysterieuze jongetje woont al honderden jaren onder de Grote Markt en kent alle verhalen en schandalen van Breda. Terwijl ik in het restaurant zat hoorde ik opeens muziek uit de boom en de boom bewoog ook ook gingen de lichtjes uit en aan. Jammer dat ik net binnen zat.
Hierna besloot ik nog een bezoek te gaan brengen aan de Grote Kerk of ook wel Onze lieve Vrouwe Kerk. Ook deze had ik al eens bezocht maar deze is meerdere bezoeken zeker waard.
In het kader van Betoveren Breda kreeg je deze keer een audio-tour gratis mee. Ik vind zo'n audio-tour altijd wel prettig omdat je dan op dingen gewezen wordt die je anders soms niet zie.
Zo was me er nog nooit op noordmuur de Muurschildering Maria's Boodschap opgevallen van 2,5 x 2,5 meter. De schildering is in zijn soort uniek. Tot begin 1900 is de schildering onder de witkalk verborgen gebleven. 
Zoals je in alle oude kerken ziet waren hier natuurlijk ook allemaal zerken op de vloer te zien.
Er werd verteld dat alle graven eigenlijk een koperen plaatje op de zerk hadden gehad en dat deze er nog maar bij een paar opzaten maar door de gaten op de zerken was te zien dat deze er eerder opgezeten hadden.
Het Graf van Willem van Galen, pastoor en deken behoort ongetwijfeld tot het fraaiste grafmonument ooit opgericht voor een kanunnik. Het is een prachtige koper gesneden grafplaat. De grafplaat bevindt zich bij het Hoogkoor.
Ook werd er iets over de uitdrukking "rijke stinkerd" verteld. De precieze herkomst van de uitdrukking “stinkend rijk zijn” staat niet helemaal vast. Maar vaak wordt verwezen naar de begrafeniscultuur in de Middeleeuwen. Armere mensen zouden toen op het kerkhof zijn begraven, terwijl de rijken zich een mooie plaats in de kerk konden veroorloven. De graven van deze gefortuneerden, die zich direct onder de kerkvloer bevonden, waren vaak niet helemaal goed afgesloten en soms moest de vloer er dichtbij ook weer open, waardoor kwalijke dampen in de kerk zouden komen. Volgens deze lezing werden zo de uitdrukkingen “rijke stinkerd” en “stinkend rijk zijn” geboren. Toch wordt wel verteld dat het een mooi verhaal is, maar niet waar omdat de uitdrukking “rijke stinkerd” in de bronnen uit de Middeleeuwen helemaal nergens is terug te vinden.
Bovendien werden niet alleen rijken in de kerk begraven. Iedereen kreeg daar aanvankelijk een plaatsje, behalve zelfmoordenaars en ongedoopte kinderen. Wel waren de plaatsen vlak bij het altaar het duurst: die plaatsen waren het meest in trek omdat men veronderstelde dat de heiligheid van het altaar afstraalde op de overledenen.
De koorbanken in het hoogkoor van kerk hadden ook mijn belangstelling. Deze banken waren bestemd voor het Bredase kapittel, de kanunniken die tot taak hadden met gebeden en gezangen God te aanbidden en genade af te smeken over de bewoners van de stad Breda.
Zijn de koorbankjes neergeklapt, dan kan men daar op zitten, maar opgeklapt kan men daar ook enigszins op zitten. Kanunniken op gevorderde leeftijd werden soms moe van het lange staan bij een kerkdienst en door een steuntje onder de zitting van een opgeklapt bankje konden zij de indruk wekken toch te staan. Deze bankjes kregen de naam "miseri cordi" (heb medelijden).
De afbeeldingen op de koorbanken  geven op een bijzondere wijze de tijd weer waarin ze gemaakt zijn (± 1450) en gebruikt werden (tot 1637). De houtsnijwerkjes onder de zittingen vormen als het ware een documentaire over wat de inwoners van Breda vroeger goed of slecht vonden, waarin ze geloofden, welke omgangsvormen en beroepen ze hadden, welke dieren ze bijzonder vonden, welke spreekwoorden en gezegden ze gebruikten en niet te vergeten, waar ze om moesten lachen en de spot mee dreven.
Natuurlijk was er nog veel meer moois in de kerk te zien zoals het  koperen doopvont, het orgel en de mooi beschilderde plafonds.
Ik was blij dat ik een audio-tour had genomen want er vielen mij nu meer dingen op in de kerk en de informatie die ik er ook bij kreeg was heel interessant 
Na het bezoek aan de grote Kerk besloot ik nog even door de stad te lopen en toen ik de St. Joostkapel zag ging ik hier ook even naar binnen. Deze kapel is de oudste van Breda. Rond 1300 was er al sprake van een kapel op deze plaats. De kapel is gewijd aan St. Joost of St. Judocus, patroonheilige tegen besmettelijke ziekten.
Intussen was het buiten donker geworden en zag de stad er opeens heel sfeervol uit. Alleen vond ik het jammer dat het eigenlijk niets van een kerstmarkt weg had.
 
Omdat ik nog een lange terugreis voor de boeg had besloot ik om zo langzamerhand weer richting het station te gaan. 
Ondanks dat het geen echte kerstmarkt was, zoals ik in eerste instantie gedacht had, heb ik wel genoten van mijn uitstapje. Het bezoek aan de Grote Kerk vond ik deze keer ook weer heel interessant. Om 21.30 uur haalde manlief me weer van het station op.