Na alweer een heerlijke nachtrust en een uitgebreid ontbijt namen we afscheid van de uitbaters van de B & B. Voor deze dag stond er een rondvaart door De Biesbosch op het programma.
Het gebied van de Biesbosch was voor 1421 normaal
polderland dat toen “De Grote- of Zuid-Hollandse Waard” heette.
In de nacht van 18 op 19 november 1421 heeft
een grote dijkdoorbraak de “St. Elisabeth’s” vloed plaatsgevonden, ongeveer op
de plaats waar nu de Moerdijkbruggen liggen. Men zat toen midden in de Hoekse-
en Kabeljouwse twisten. Geldmiddelen ontbraken om de dijken spoedig te
herstellen en zodoende is hier in de loop der tijd een grote binnenzee
ontstaan.
De rivieren Maas en Waal stroomden door de binnenzee.
Deze rivieren brachten zand met zich mee en hierdoor ontstonden zandplaten.
Het was toen zo, dat het water ieder getijde twee meter
op en neer ging, omdat het in open verbinding stond met de zee. Het was
daarentegen toch zoet water. Ieder getij zette een laagje ebslik op die
zandbanken af. Zodoende werden die banken vruchtbaar en er gingen biezen op groeien.
Vandaar dan ook de naam “Biesbosch”.
We waren ruim op tijd in Drimmelen bij de steigers van Rondvaartbedrijf Zilvermeeuw waarvandaan de rondvaartboot zou vertrekken. Ik had nog tijd genoeg om de infoborden te lezen.
Het was goed te merken dat het weer nog redelijk goed was voor de tijd van het jaar want we gingen met een grote rondvaartboot die voor het grootste gedeelte bezet was.
Wij vonden het toch wel wat te fris om boven op het buiten dek te gaan zitten en kozen voor een mooi plaatsje voorin op het bovenste dek. Tijdens de tocht vertelde de kapitein ons verschillende dingen m.b.t. de Biesbosch. Al snel verlieten de rivier de Bergsche Maas en gingen het Spijkerboor in.
Het viel me op dat er heel veel vissers in kleine bootjes zaten te vissen en verder vaarden er ook allerlei bootjes op de riviertjes.Er werd ons verteld dat door de opslibbing de zandbanken in de loop der tijd steeds een beetje hoger kwamen. Uiteindelijk werden ze te hoog voor de biezen omdat dit een echte waterplant is en praktisch altijd in het water moet staan.
Vervolgens ging hier riet op groeien. Weer later verdween het rietgewas en ging men er een griend in telen (dit zijn wilgenbossen) en toen het land in de loop der tijd nog wat hoger was geworden, werden die grienden omdijkt, de struiken eruit gerooid en zo zijn de eerste polders in de Biesbosch ontstaan.
Sinds 1973 zijn er in de Biesbosch 3 grote spaarbekkens, die zorgen voor het drinkwater voor Zuid-West Nederland.
Deze spaarbekkens liggen in het hart van de Biesbosch en
zijn gemaakt op de plaats waar vroeger landbouwpolders waren.
De spaarbekkens dragen de namen van de landbouwpolders die
voor de aanleg van de bekkens moesten wijken. Petrusplaat,
Honderd en Dertig en De Gijster. Zij worden gevuld
met water uit de Maas.
We zagen een strandje waar padvinders een activiteiten hadden. En groot schip lag wat van de kant af en op het strandje waren kano's te zien.
We gingen richting het Gat van Honderd en Dertig en kwamen in het Gat van Slek waar het manoeuvreren werd voor de kapitein. Ook was hier goed te merken dat de waterstand erg laag was. Want je hoorde de boot over de bodem gaan.
Via het Gat van de Kerksloot kwamen we weer op de Bergsche Maas en het duurde niet lang meer of we kwamen weer bij de steiger van het Rondvaartbedrijf.
Het was een leuke rondvaart en omdat er tegenwoordig weer bevers in de Biesbosch leven (in 1988 zijn de eerste bevers geherintroduceerd) lijkt het me ook nog wel eens wat om op zoek te gaan naar beverburchten. Deze woonplekken van bevers zijn in de winter beter te zien want in de zomerperiode zijn ze niet of nauwelijks te vinden door het uitbundige bladerdak van wilgen en andere bomen in het Nationaal Park De Biesbosch. Jammer genoeg is het wel wat ver van mijn woonplaats om hier voor een rondvaart van 2,5 uur heen te gaan.
De drie dagen zijn omgevlogen en toen we op de terugreis naar huis waren besloten we om onderweg nog ergens een hapje te gaan eten.
We konden terugkijken op drie gezellige dagen en het weer was voor de tijd van het jaar ook uitzonderlijk goed.


